Spring naar hoofdinhoud
Woensdag 01/10/2025

De Ondervraging Van Christus

De Ondervraging Van Christus

Deze les is automatisch geïmporteerd uit een TXT bestand.

Bijbellezing:

A. Welke vraag stelde Annas aan Jezus? Johannes 18:19.

“Indien Hij van opruiing werd beschuldigd, zou Hij daarvoor door de Romeinen worden veroordeeld. Annas probeerde eerst de tweede beschuldiging te bevestigen. Hij ondervroeg Jezus aangaande Zijn discipelen en aangaande Zijn leerstellingen, in de hoop, dat de gevangene iets zou zeggen dat hem materiaal in handen zou geven, waarmee hij zou kunnen werken. Hij probeerde Hem een uitspraak te ontlokken, dat Hij trachtte een geheime gemeenschap te stichten, met de bedoeling een nieuw koninkrijk op te richten. Dan zouden de priesters Hem aan de Romeinen kunnen overleveren als een vredeverstoorder en een oproermaker.” –De Wens der Eeuwen, blz 610.

B. Beschrijf de beproeving van geduld, die Jezus doorstond. Johannes 18:20–23; Jesaja 53:7.

“Annas werd tot zwijgen gebracht door dit vastbesloten antwoord (Jezus)… Een van zijn dienaars, die met toorn werd vervuld, toen hij zag, hoe Annas tot zwijgen was gebracht, sloeg Jezus in het gelaat, met de woorden: “Antwoordt Gij zó de hogepriester?”… (Christus) Hij sprak geen vlammende woorden van wraakzucht. Zijn kalme antwoord kwam uit een zondeloos, geduldig en zachtmoedig hart, dat niet tot toorn kon worden gebracht. Christus leed zwaar onder hoon en belediging. Door de handen van de wezens, die Hij had geschapen en voor wie Hij een oneindig groot offer bracht, ontving Hij iedere denkbare smaad. En Hij leed naarmate de volmaaktheid van Zijn heiligheid en Zijn haat tegen de zonde. Zijn verhoor door mensen, die zich als duivels gedroegen, was voor Hem een voortdurend offer. Omringd te worden door menselijke wezens, die door Satan werden beheerst, was voor Hem weerzinwekkend. En Hij wist, dat Hij, door Zijn goddelijke macht te laten ontvlammen, Zijn wrede pijnigers in een ogenblik in het stof kon doen vallen. Dit maakte Zijn beproeving nog zwaarder te verdragen. De Joden zagen uit naar een Messias, Die Zich met uiterlijk vertoon zou openbaren. Zij verwachtten dat Hij, door een flits van Zijn overweldigende wil, de loop van de gedachten der mensen zou veranderen en hen zou noodzaken Zijn oppermacht te erkennen. Op deze wijze, meenden zij, zou Hij Zijn eigen verheerlijking verzekeren en hun eerzuchtige hoop vervullen. Toen Christus nu met verachting werd bejegend, kwam er een sterke verzoeking bij Hem op om Zijn goddelijk karakter te openbaren. Door een woord, een blik, kon Hij Zijn vervolgers dwingen te belijden, dat Hij Here was boven koningen en machthebbers, priesters en tempel. Maar het was Zijn moeilijke taak om de plaats te behouden die Hij had gekozen, één met de mensheid.” –De Wens der Eeuwen, blz. 611.


Let op: Deze les is automatisch gegenereerd uit een TXT bestand. Controleer en bewerk de inhoud om ervoor te zorgen dat:

  • De bijbelteksten correct zijn
  • De geheugentekst juist is geciteerd
  • De Nederlandse vertaling accuraat is
  • De inhoud past bij de ZDA-Ref doctrine

Voor verdere studie: Referenties uit TXT bestand